Brieven & Antwoorden
Brief inzake discriminatie van niet-erkende religies aan de Minister van Justitie, mevrouw Onckelinx
Ministerie van Justitie
Mevrouw de Minister Laurette Onkelinx
Waterloolaan 115
1000 Brussel
09 december 2004
discriminatie van niet-erkende religies
uw referentie LO/LB/PV/mv/2004/943/36564
Mevrouw de Minister,
Wij danken u voor uw antwoord met bovenvermelde referentie op onze brief van 24 oktober 2004 inzake de discriminatie van niet-erkende religies. Al erkent “de grondwet de rechtvaardige behandeling van eenieder op ons grondgebied, en in het bijzonder van de erkende erediensten”, zoals U schrijft, blijkt dat er geen gelijke behandeling is van de verschillende religies, in casu van de erkende tegenover de niet-erkende religies. De erkende religies krijgen de lonen uitbetaald van de bedienaars, de niet-erkende religies niet; de erkende religies kunnen een bezoldigde onderrichter naar de scholen sturen, de niet-erkende religies niet…
Het onderscheid erkende – niet erkende religies is ons tot op heden nog altijd niet duidelijk. Er kwam geen antwoord op onze vraag om de “door het Parlement bekrachtigde wetteksten te bezorgen waarin de erkenningsprocedure voor de religies uiteengezet zijn, alsook de wettelijke omschrijving van wat rechtskundig dient verstaan te worden onder de term ‘religie’.” Dit is van essentieel belang wil men een erkenning bekomen in ons land. Naar ons oordeel blijft de Belgische Staat hier in gebreke en hierdoor is zij niet in de mogelijkheid de ongelijkheid en de discriminatie weg te werken.
Mag ik U dus vragen, Mevrouw de Minister, ons deze bekrachtigde wetteksten te bezorgen en aan te tonen dat er geen sprake kan zijn van discriminatie in de tot op heden verschillende behandeling van de religies?
Met hoogachting,
Koenraad Logghe
Werkgroep Traditie – Asatrú de Lage Landen
www.traditie.be
traditie@planetinternet.be