Het World Congress of Ethnic Religions
vindt haar tweede adem
Het World Congress of Ethnic Religions, kortweg WCER, werd opgericht in 1998 op initiatief van Jonas Trinkunas – voorzitter van de Litouwse Romuva . Net zoals de Werkgroep Traditie vzw was Romuva voortgekomen uit een volkskundige strekking die erop gericht was de identiteit van de regio te versterken en de tanende tradities nieuw leven in te blazen. Later ging Romuva over tot een duidelijk religieus profiel. Het spreekt voor zich dat de Werkgroep Traditie vzw voor dit initiatief niet onverschillig kon blijven. Samen met een reeks bewegingen die de voorchristelijke religie in Europa gestalte wilden geven, zochten we naar uitwegen op nationaal en internationaal vlak. Dat resulteerde in het WCER.
In 2004 ging het 7de congres van het WCER door in Athene, en de vrees zat er eigenlijk een beetje in dat de Olympische Spelen de samenkomst zou overschaduwen. Maar deze bezorgdheid was onterecht, want zo’n 100 vertegenwoordigers van diverse religies namen aan de discussies deel: personen van de diverse Asatrú-strekkingen, Romuva’s, Druiden, Grieken, Italianen, Russen, Letten, Hindoe’s, Sikhs, hier en daar een verloren gelopen professor… Een vreemd allegaartje dus, hetgeen het alchemistisch proces van interactie, vervluchtiging en neerslag deste levendiger en boeiender maakte. In dit opzicht viel het op dat de problemen waarmee de groepen te kampen hadden zeer verscheiden konden zijn. Daar waar de Europese landen vooral de nadruk legden op de relatie tot de overheid en de soms bizarre situaties met de christelijke kerk, drukten de Indiërs zich vrij scherp uit tegenover de agressie en het proselitisme van zowel christendom als islam. Maar dat was natuurlijk niet alles. Voornamelijk de spiritualiteit van de oude religies werd in de verf gezet, en het viel mij op hoe gelijklopend de strekkingen waren. Toen we in 1998 de slogan “Eenheid in verscheidenheid” hanteerden, lijken we daar nu, anno 2004, heel sterk naar toe gegroeid te zijn. De voorchristelijke religies centreren zich rond Orlögr, Dharna, Dharma, Kosmos, of hoe men de Goddelijke Harmonie ook moge noemen. In alles wordt die Goddelijke Ordening gekoesterd en versterkt. Vandaar dat de voorchristelijke religies Zijns-religies zijn, religies gericht op wat bestendig is, op wat voorbijgaat aan de wording. Hierdoor staan ze lijnrecht tegenover de moderniteit met haar wegwerp-mentaliteit. Het code-woord van de voorchristelijke religie is ‘traditie’, want het is via de traditionele gebruiken, liederen, mythen, legenden, symbolen… dat de grondgedachte van deze strekkingen wordt doorgegeven. Iedereen kan het vatten op zijn eigen wijze en niveau. Zo blijven de volkeren verankerd in hun eigen culturele voedingsbodem en wordt deze bodem stelselmatig gevoed door beelden en ervaringen van metafysische inslag.
Na het congres werd een gezamenlijk ritueel gehouden nabij de tempel van Poseidon op een plaats waar eens een Athena-tempel had gestaan. Het was een aangrijpend en zeer mooi gegeven. De tweede grootste nationale krant van Griekenland, Ethnos, bracht er verslag van uit en spekte het artikel met interviews van diverse belangrijke vertegenwoordigers. Ook de Werkgroep Traditie vzw kwam aan het woord.
Naar volgend jaar toe hebben we nog een verassing voor onze leden. We komen hierop terug. In ieder
geval is met dit congres de trend gezet voor de stappen die we met het WCER in de toekomst zullen nemen.
verslag door Koenraad Logghe